De intrede van artificiële intelligentie (AI) in onze economie is niet langer een toekomstscenario, maar een harde realiteit die de fundamenten van de Belgische arbeidsmarkt door elkaar schudt. Terwijl bedrijven in recordtempo nieuwe technologieën omarmen, luidt de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid (HRW) de noodklok. In hun recente verslag wordt een beeld geschetst van een land dat technologisch vooroploopt, maar menselijk dreigt achterop te raken. De cijfers liegen er niet om: België is een koploper in adoptie, maar kampt met een zorgwekkend tekort aan de juiste vaardigheden om deze transitie in goede banen te leiden.
In deze analyse duiken we diep in het verslag van de HRW. Wat betekent dit voor jouw job, de positie van België ten opzichte van onze buren en welke aanbevelingen liggen er op tafel om een sociale crisis te vermijden?
Het Verslag van de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid
De Hoge Raad voor de Werkgelegenheid (HRW) heeft de taak om de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt te monitoren en de regering te adviseren. Hun recente rapport, getiteld Artificiële intelligentie op de Belgische arbeidsmarkt, biedt een van de meest gedetailleerde analyses tot nu toe over hoe AI onze manier van werken in België beïnvloedt. We bevinden ons in een overgangsfase waarin de technologie volwassen wordt, maar de regelgeving en het onderwijs nog in de kinderschoenen staan.
De kernboodschap van het rapport is tweezijdig. Aan de ene kant is er goed nieuws. Belgische bedrijven zijn innovatief en implementeren AI sneller dan veel Europese tegenhangers. Aan de andere kant is er een ernstige waarschuwing. Onze beroepsbevolking, en met name de jongere generatie, is onvoldoende voorbereid op de verschuivingen die deze technologie teweegbrengt. Het rapport berekende dat maar liefst 43% van de jobs in België sterk blootgesteld zijn aan AI. Dit betekent niet dat deze banen verdwijnen, maar wel dat ze fundamenteel zullen veranderen.
België versus Europa: De Grote Paradox
Wanneer we de Belgische situatie vergelijken met andere landen, stuiten we op een opvallende paradox. België ontpopt zich tot een Europese koploper wat betreft de implementatie van AI in bedrijfsprocessen. In 2025 gebruikte bijna 35% van de Belgische ondernemingen minstens één vorm van AI-technologie. Dit is een explosieve stijging van 20 procentpunt in amper twee jaar tijd. Vooral in specifieke sectoren zijn de cijfers indrukwekkend: in de energiesector maakt 90% van de bedrijven gebruik van AI, en in de ICT-sector is dit 78%.
Deze technologische voorsprong staat in schril contrast met de menselijke paraatheid. Waar landen als Nederland en de Scandinavische staten al jaren inzetten op digitale geletterdheid in het onderwijs en op de werkvloer, hinkt België achterop. Het rapport toont aan dat Belgische werknemers slechts over gemiddelde digitale vaardigheden beschikken. Nog zorgwekkender is de situatie bij de jeugd. Slechts 36% van de 16- tot 24-jarigen in België beschikt over digitale vaardigheden die boven het basisniveau uitstijgen. Vergelijk dit met Nederland, waar dit cijfer op 63% ligt, en het wordt duidelijk dat onze koppositie in bedrijfsadoptie op drijfzand is gebouwd.
De kloof tussen technologie en talent
Dit verschil tussen technologische implementatie en menselijk kapitaal creëert een gevaarlijke dynamiek. Bedrijven willen automatiseren en efficiënter werken met AI, maar vinden niet het personeel dat deze tools effectief kan besturen of integreren. Dit leidt tot een situatie waarin de productiviteitswinsten die AI belooft, mogelijk niet volledig worden gerealiseerd, of erger nog, dat de implementatie leidt tot frictie op de werkvloer in plaats van vooruitgang.
Wie wint en wie verliest? De impact op specifieke groepen
Een van de meest opvallende conclusies uit het HRW-rapport is dat de impact van AI niet gelijk verdeeld is. In tegenstelling tot eerdere automatiseringsgolven, die vooral handenarbeid en fabrieksjobs raakten, richt generatieve AI zich nu op de kantoorvloer. De impact is het grootst bij bureaujobs, maar de gevolgen verschillen sterk per functieniveau.
Jongeren, de onverwachte slachtoffers
De meest alarmerende vaststelling is de kwetsbaarheid van jongeren. Traditioneel wordt aangenomen dat de digital natives het best gewapend zijn voor de toekomst, maar het tegendeel blijkt waar. Jonge werknemers die net de arbeidsmarkt betreden, voeren vaak taken uit die gebaseerd zijn op theoretische kennis en routine. Het doel van deze taken is ervaring op doen. Net deze taken, samenvattingen maken, basiscode schrijven, data verwerken, zijn relatief eenvoudig te automatiseren door Generatieve AI.
Oudere werknemers worden beschermd door hun impliciete kennis en opgebouwde expertise. Zij weten hoe de politiek binnen een bedrijf werkt, hoe je complexe onderhandelingen voert en hoe je context moet interpreteren die een AI-model mist. Jongeren missen deze ervaring en dreigen nu de kans te verliezen om die ervaring op te bouwen, omdat de taken voor juniors worden overgenomen door algoritmes. Het gevolg is dat de eerste treden van de carrièreladder worden weggezaagd.
Administratief personeel en genderongelijkheid
Naast jongeren lopen ook administratieve medewerkers een verhoogd risico. Hoewel managers en intellectuele beroepen ook sterk blootgesteld zijn aan AI (tot 84%), is de complementariteit daar hoog. Dit betekent dat AI hen helpt om productiever te zijn. Voor administratief personeel is die complementariteit laag AI ondersteunt hen niet, maar vervangt hen. Omdat vrouwen vaker in administratieve functies werken, waarschuwt de HRW voor een risico op verhoogde genderongelijkheid op de arbeidsmarkt als hier niet op wordt geanticipeerd.
Conclusies en aanbevelingen van de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid
Het rapport formuleert concrete aanbevelingen om het tij te keren. We moeten verschuiven van een focus op pure kennis naar een focus op aanpassingsvermogen.
Onderwijshervorming, leren leren
De Raad pleit voor een dringende inhaalbeweging in het onderwijs. De focus moet verschuiven. Het gaat niet alleen om het toevoegen van meer STEM-richtingen (Science, Technology, Engineering, Mathematics). We moeten studenten leren hoe ze met AI moeten werken, in plaats van erdoor vervangen te worden. Morgen zal weten hoe je moet leren belangrijker zijn dan alles weten, is een veelgehoorde uitspraak die de lading dekt. Het onderwijs moet jongeren weerbaar maken door in te zetten op vaardigheden die AI (nog) niet bezit. Kritisch denken, complexe probleemoplossing en emotionele intelligentie.
Levenslang leren als noodzaak
Voor de huidige beroepsbevolking is bijscholing geen luxe meer, maar een noodzaak. 39% van de werknemers geeft aan behoefte te hebben aan extra kennis over AI, maar slechts 14% heeft daadwerkelijk een opleiding gevolgd. Bedrijven en overheden moeten massaal investeren in lifelong learning. Dit geldt niet alleen voor de technische profielen, maar juist ook voor de administratieve en ondersteunende diensten die het grootste risico lopen op vervanging.
Verantwoord en ethisch gebruik
De HRW benadrukt ook het belang van een ethisch kader. Dit sluit aan bij de bredere Europese context, zoals de AI Act. Er moet gewaakt worden over non-discriminatie. Algoritmes kunnen bestaande vooroordelen versterken, bijvoorbeeld bij rekrutering. Instanties zoals Unia wijzen erop dat er formele samenwerkingsverbanden nodig zijn tussen markttoezichthouders en gelijkheidsorganen om fundamentele rechten te beschermen. AI mag niet leiden tot black box besluitvorming waarbij mensen worden afgewezen of benadeeld zonder menselijke tussenkomst of uitleg.
Kritiek en nuances op het Rapport
Hoewel het rapport van de HRW grondig is, zijn er ook kritische kanttekeningen en nuances te plaatsen bij de bevindingen. Het is belangrijk om de cijfers in de juiste context te zien.
De paradox van de knelpuntberoepen
Er een grote discrepantie is tussen de jobs die door AI bedreigd worden en de jobs waar de grootste tekorten zijn. De structurele arbeidstekorten in België bevinden zich vaak in sectoren die de minste impact van AI ervaren, zoals de bouw, de zorg en technische handenarbeid. AI is dus geen wondermiddel voor de huidige krapte op de arbeidsmarkt. Het kan de productiviteit in kantoren verhogen, maar het zal het tekort aan verpleegkundigen of loodgieters niet oplossen.
Geen massale werkloosheid (tot nu toe)
Een belangrijk punt van kritiek op doemscenario’s is dat er tot op heden geen sprake is van massale banenvernietiging door AI in België. De technologie verandert de inhoud van taken, maar leidt (nog) niet tot massaal ontslag. Critici stellen dat rapporten zoals die van de HRW soms te veel focussen op de theoretische blootstelling en te weinig op de praktische implementatiesnelheid en de economische realiteit. Bedrijven vervangen mensen niet zomaar Processen aanpassen kost tijd en geld.
Een oproep tot actie
Het verslag van de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid is een wake-up call. België heeft de technologie in huis en de bedrijven zijn bereid om te innoveren. Maar een motor zonder brandstof komt niet vooruit. De brandstof in deze kenniseconomie zijn de vaardigheden van de werknemers. Als we niet onmiddellijk investeren in het dichten van de digitale kloof bij onze jongeren en het omscholen van kwetsbare profielen, dreigt AI een splijtzwam te worden in plaats van een groeimotor.