Eind juni 2026 tikte het kwik in het Britse Norfolk 37,7 graden aan, een juni-record. Twee weken later, tijdens de derde hittegolf van het jaar, vroeg de Britse netbeheerder Neso stroomproducenten om extra capaciteit voor de avondpiek, omdat huishoudens massaal ventilatoren en airco’s aanschakelden. In Frankrijk kondigde energiebedrijf EDF aan de productie van meerdere kerncentrales terug te schroeven, omdat het rivierwater te warm werd om de reactoren te koelen. Midden in die spanning groeit een nieuwe grootverbruiker op het net: het AI-datacenter. Juist de combinatie van extreme hitte en de groei van kunstmatige intelligentie maakt deze zomer tot een stresstest voor het stroomnet.

Het stroomnet krijgt het van twee kanten te verduren

Tijdens een hittegolf stijgt de stroomvraag precies op het moment dat de levering onder druk komt. Aan de vraagkant zorgen airco’s en ventilatoren voor een hoge avondpiek. Neso zag een elektriciteitstekort en wees naar de extreme temperaturen in heel Europa, die de beschikbaarheid van een deel van de productiecapaciteit verkleinden.

Aan de aanbodkant werkt hitte als een rem. Kerncentrales koelen hun reactoren met rivierwater en moeten vermogen terugschroeven zodra dat water te warm wordt. EDF verwachtte beperkingen bij maximaal vijf centrales en begon met het terugschakelen van twee reactoren. Dat raakt ook de buren, want het Verenigd Koninkrijk en Duitsland importeren normaal gesproken Franse kernenergie. Om het tekort op te vullen, betaalde de netbeheerder eerder in de zomer flink hogere prijzen aan gascentrales.

Zo’n waarschuwing is op zich een routine-instrument, benadrukt Neso, en de levering aan klanten liep geen gevaar. De frequentie van waarschuwingen neemt wel toe. West-Europa beleefde binnen zes weken drie hittegolven, met in Frankrijk al ruim 35.000 hectare verbrand bos en in Spanje meer dan 55.000 hectare. Hittegolven duren langer, volgen elkaar sneller op en zetten het energiesysteem onder spanning.

De stroomhonger van AI groeit sneller dan het net

Terwijl netbeheerders de pieken opvangen, groeit de basisbelasting van het net structureel. In Duitsland is de geïnstalleerde datacentercapaciteit sinds 2010 meer dan verdubbeld tot ruim 2.730 megawatt in 2024. Het ministerie van Economische Zaken verwacht voor 2030 meer dan 4.800 megawatt, een groei van 75 procent in zes jaar. De nationale datacenterstrategie van maart 2026 mikt zelfs op een verdubbeling van de capaciteit. Die groei komt vrijwel volledig op het conto van cloud- en AI-toepassingen.

Ook de energie-densiteit per serverkast verandert. Lange tijd draaide een kast op vijf tot tien kilowatt. Met AI-workloads lopen vermogens op tot 50 kilowatt en meer per kast. Installaties die voor de oude densiteit zijn ontworpen, kampen daardoor met een te beperkte koelcapaciteit.

De groei concentreert zich bovendien op de verkeerde plekken. Analysebureau First Street berekende in juni 2026 dat 54 procent van de wereldwijde datacentercapaciteit op plaatsen liggen met chronische hitte- of droogtestress. De vraag groeit het hardst waar het klimaat al voor uitdagingen zorgt.

Waarom datacenters zelf oververhit raken

Volgens Mathias Franke, hoofd datacenteradvies bij Drees & Sommer, is hitte voor veel beheerders een uitdaging. Buiten stijgen de temperaturen. Binnen ook door AI-toepassingen die steeds krachtigere en meer energieverslindende chips nodig hebben. Wie de koelcapaciteit niet op tijd aanpast, riskeert storingen.

De warmte blijft niet binnen de muren. Onderzoekers van onder meer de University of Cambridge stelden rond datacenters voor AI een gemiddelde temperatuurstijging van twee graden vast, met uitschieters tot 9,1 graden. Dit zogeheten data heat island-effect raakt mogelijk meer dan 340 miljoen mensen wereldwijd. Elk datacenter voedt zo op lokaal niveau de hitte die het zelf moet verkoelen.

De koeling is tkwetsbaarder dan gedacht. In de studie Prometheus tonen onderzoekers van Google en de University of Pennsylvania dat datacenters hun koelcapaciteit tot 2044 gemiddeld met elf procent moeten verhogen om het huidige uitvalrisico te behouden. Op de meest kwetsbare locaties is zelfs 48 procent extra nodig.

Hoe snel het misgaat, bewees Londen in 2022. Bij de eerste 40 graden ooit gemeten in de stad vielen in een datacenter van Google Cloud meerdere koelsystemen tegelijk uit, waarna technici servers uitschakelden om schade te voorkomen. Een Oracle-datacenter in Zuid-Londen draaide op de grens van zijn kunnen en lag er uiteindelijk negentien uur uit. De German Datacenter Association sluit vergelijkbare uitschakelingen van datacenters niet uit bij technische storingen en een krappe energiecapaciteit.

Water wordt het tweede knelpunt

Elke koelinstallatie gebruikt water. De waterstroom valt tijdens hittegolven weg. Uit een analyse van The Guardian blijkt dat tweederde van de geplande Amerikaanse datacenters voor AI gebouwd worden in gebieden die het afgelopen jaar met droogte kampten: 517 van de 809 projecten. Een groot datacenter verbruikt tot bijna negentien miljoen liter water per dag, vergelijkbaar met een stad van 50.000 inwoners. Het totaalverbruik van Amerikaanse datacenters groeit naar verwachting van 64 miljard liter in 2023 naar 276 miljard liter in 2028. In Texas zouden datacenters in 2040 negen procent van het waterverbruik van de staat voor hun rekening nemen.

Gesloten koelcircuits verminderen dat verbruik sterk, omdat het koelwater blijft circuleren in plaats van te verdampen. Ze vragen wel meer stroom, en die komt vaak van gascentrales die zelf ook veel water gebruiken. Het gigantische Hyperion-datacenter van Meta in Louisiana is een goed voorbeeld. Het heeft een gesloten koelingsysteem in de datacenterhal. Maar de energie wordt opgewekt met tien gasturbines buiten met een tradionele koeling. Water en stroom zitten in één keten die op de heetste dagen van het jaar overal onder druk komen.

Zo blijven het energienet en de servers draaiend tijdens een hittegolf

Uitval bij hitte is niet onvermijdelijk. Wie koeling, stroomvoorziening en bedrijfsvoering op tijd op extreem weer inricht, verkleint de risico’s aanzienlijk. De belangrijkste maatregelen op een rij:

  • Verschuif rekenwerk naar de nacht. Back-ups, analyses en grote datamigraties kunnen wachten tot de koelere uren. Dat ontlast de koeling en het stroomnet precies tijdens de piek.
  • Kies vloeistofkoeling bij hoge dichtheden. Vanaf circa 50 kilowatt per serverkast volstaat lucht vaak niet meer. Hybride systemen koelen alleen de zwaarste racks met water.
  • Reken met het klimaat van over twintig jaar. Franke adviseert de Extreme Annual Design Conditions van ASHRAE te gebruiken en daar vier graden veiligheidsmarge bovenop te zetten, omdat toekomstige prognoses hoger uitvallen.
  • Beveilig ook de noodstroom tegen hitte. Generatoren zonder eigen koeling vallen ook uit. Microgrids met eigen opwekking en opslag van energie overbruggen storingen van het openbare net.
  • Verlaag het waterverbruik met gesloten circuits, zeker in regio’s waar water schaars wordt.

De wet dwingt deze maatregelen af. Duitse datacenters die na juli 2026 in gebruik komen, mogen een Power Usage Effectiveness van 1,2 niet overschrijden. Op elke honderd kilowattuur voor servers en opslag mag dan hoogstens twintig kilowattuur naar koeling en techniek gaan. Bestaande installaties moeten in 2030 onder de 1,3 zitten.

De grootste kwetsbaarheid zit bij de duizenden decentrale serverruimtes in bedrijven, vaak omgebouwde kelders of technische ruimtes zonder professioneel ontworpen klimaattechniek. Grote hyperscalers beschikken over redundante koeling en noodstroom. Voor beheerders van kleine ruimte is een hitteplan inmiddels een noodzaak.